ECLI:NL:RBSGR:2011:BR4197
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- C.M. Roskam
- Rechtspraak.nl
Niet ontvankelijk verklaring verzoek tot toepassing wettelijke schuldsaneringsregeling wegens onvolledigheid
Verzoeker startte in november 2008 een eenmanszaak en droeg deze in maart 2010 over aan de franchisegever. Op 3 november 2010 werd een faillissementsrekest tegen hem ingediend. Tijdens de behandeling gaf verzoeker aan een beroep te willen doen op de wettelijke schuldsaneringsregeling (WSNP). De behandeling van het verzoek werd meerdere malen uitgesteld om verzoeker de gelegenheid te geven ontbrekende informatie aan te leveren.
Ondanks diverse oproepen en termijnen slaagde verzoeker er niet in om een volledig en compleet verzoek in te dienen. De schuldpositie bleef onduidelijk en het minnelijk traject was niet afgerond. Verzoeker verscheen niet op de zitting van 8 februari 2011 en ook niet op die van 22 juli 2011, waarbij hij zijn afwezigheid deels toeschreef aan een gewijzigde vlucht.
De rechtbank overwoog dat het belang van de crediteur die het faillissementsrekest indiende zwaarder weegt dan het belang van verzoeker om zijn schuldsaneringsverzoek verder te behandelen. Verzoeker heeft onvoldoende blijk gegeven van zijn inspanningen om het verzoek te completeren en is verantwoordelijk voor zijn nalatigheden. Daarom verklaarde de rechtbank het verzoek tot toepassing van de WSNP niet ontvankelijk.
Uitkomst: Het verzoek tot toepassing van de wettelijke schuldsaneringsregeling wordt niet ontvankelijk verklaard wegens onvolledigheid en niet verschijnen op zitting.