ECLI:NL:RBSGR:2011:BR6526
Rechtbank 's-Gravenhage
- Kort geding
- R.J. Paris
- Rechtspraak.nl
Afwijzing vordering tot toegang tot ruimte wegens beëindiging overeenkomst zonder huurrechtelijke bescherming
Partijen zijn sinds 1989 verbonden door een overeenkomst waarbij eiser een ruimte in een penitentiaire inrichting gebruikte als winkel voor gedetineerden. Na meerdere verlengingen werd in 2010 een nieuwe overeenkomst gesloten met een looptijd van één jaar en een optie tot verlenging. De Staat maakte tijdig kenbaar geen gebruik te maken van deze optie, waarmee de overeenkomst per 30 juni 2011 werd beëindigd.
Eiser stelde dat sprake was van een huurovereenkomst, waardoor opzegging alleen via de kantonrechter mogelijk is en dat de opzegging onrechtmatig is wegens gebrek aan geldige reden en strijd met het zorgvuldigheidsbeginsel. De Staat betwistte dit en voerde aan dat de overeenkomst geen huur betreft en rechtsgeldig is opgezegd volgens contractuele bepalingen.
De voorzieningenrechter oordeelde dat de levering van goederen aan gedetineerden en betaling van afschrijvingskosten niet als een tegenprestatie voor het gebruik van de ruimte kan worden aangemerkt, zodat geen sprake is van huur. De opzegging is conform de overeenkomst geschied en niet onrechtmatig. De vorderingen van eiser tot toegang tot de ruimte en teruggave van roerende zaken werden afgewezen. Eiser werd veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: De vordering tot toegang tot de ruimte wordt afgewezen omdat de overeenkomst geen huurovereenkomst is en rechtsgeldig is opgezegd.