ECLI:NL:RBSGR:2011:BR7123
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing proceskostenvergoeding bij intrekking beroep wegens niet tijdig beslissen zonder ingebrekestelling
Eiseres maakte bezwaar tegen een naheffingsaanslag loonheffingen en stelde beroep in tegen het uitblijven van een beslissing op dat bezwaar. Verweerder kwam alsnog aan het bezwaar tegemoet en vernietigde de aanslag. Eiseres trok daarop het beroep in en verzocht om vergoeding van proceskosten voor zowel bezwaar- als beroepsfase.
De rechtbank oordeelde dat eiseres verweerder niet schriftelijk in gebreke had gesteld voorafgaand aan het instellen van het beroep, zoals vereist volgens artikel 6:12, tweede lid, Awb. Hierdoor was het beroep niet ontvankelijk en was vergoeding van proceskosten voor de beroepsfase niet redelijk.
De rechtbank bevestigde dat voor de bezwaarfase een forfaitaire vergoeding was toegekend en dat er geen bijzondere omstandigheden waren die een hogere vergoeding rechtvaardigden. Het verzoek tot vergoeding van proceskosten voor de beroepsfase werd daarom afgewezen en het verzet van verweerder gegrond verklaard.
Uitkomst: Het verzoek van eiseres tot vergoeding van proceskosten voor de beroepsfase wordt afgewezen wegens het ontbreken van een voorafgaande schriftelijke ingebrekestelling.