ECLI:NL:RBSGR:2011:BT8898
Rechtbank 's-Gravenhage
- Kort geding
- P.A. Koppen
- Rechtspraak.nl
Afwijzing vordering tot verbod uitlevering aan Marokko wegens ontbreken Nederlandse rechtsmacht
In deze zaak vordert eiser primair een verbod op zijn uitlevering aan Marokko wegens verdenking van drugshandel en subsidiair een terugkeergarantie dat hij zijn straf in Nederland mag ondergaan. De uitlevering was reeds toegestaan door de minister na advies van de rechtbank Utrecht.
Eiser stelt dat Nederland rechtsmacht heeft op grond van artikel 2 Sr Pro en artikel 13 lid 3 Opiumwet Pro, en dat hij als geïntegreerde vreemdeling gelijkgesteld moet worden met een Nederlandse onderdaan, waardoor uitlevering zonder terugkeergarantie onrechtmatig is. De Staat betwist dit en stelt dat er geen aanwijzingen zijn dat strafbare feiten in Nederland zijn gepleegd.
De voorzieningenrechter oordeelt dat artikel 13 lid 3 Opiumwet Pro geen rechtsmacht schept voor de feiten en dat onvoldoende bewijs is voor strafbare handelingen in Nederland. Hierdoor kan geen terugkeergarantie worden geëist. De vorderingen worden afgewezen en eiser wordt veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: Vordering tot verbod uitlevering aan Marokko wordt afgewezen wegens ontbreken Nederlandse rechtsmacht.