ECLI:NL:RBSGR:2011:BU3502
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Aansprakelijkheid bestuurder en rechtspersoon bij wanprestatie kredietfaciliteit en bevoorschotting
ING Bank en ING Commercial Finance (ICF) stelden [A Fruit] B.V., QDF Northern Europe B.V. en hun bestuurders aansprakelijk wegens wanprestatie bij een kredietfaciliteit en bevoorschottings- en dienstverlenings-overeenkomst (BDO). ING c.s. vorderden betaling van aanzienlijke bedragen wegens onrechtmatige facturering en het aanbieden van niet-bestaande vorderingen ter bevoorschotting.
De rechtbank oordeelde dat [A Fruit] en QDF hoofdelijk aansprakelijk zijn voor terugbetaling van het krediet. QDF had facturen op basis van voorverkopen aangeboden, wat in strijd was met de BDO. Hierdoor was de kredietfaciliteit onmiddellijk opeisbaar. Bestuurder [A1] werd persoonlijk aansprakelijk gesteld wegens onrechtmatig handelen en borgstelling, evenals [A2] als borg.
De vorderingen van ING en ICF werden grotendeels toegewezen, inclusief wettelijke rente en proceskosten. De reconventionele vorderingen van [A Fruit c.s.] tot schadevergoeding en nakoming van krediet werden afgewezen. De rechtbank oordeelde dat ING c.s. gerechtvaardigd hadden gehandeld bij beëindiging van de kredietrelatie en dat geen sprake was van onrechtmatige daad jegens de bestuurders of [A Fruit].
Uitkomst: De rechtbank veroordeelt [A Fruit], [A1] en [A2] tot betaling van de gevorderde bedragen aan ING en ICF wegens wanprestatie en bevestigt de hoofdelijke aansprakelijkheid en borgstelling.