ECLI:NL:RBSGR:2011:BU5509
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - meervoudig
- E. Timmermans
- G.M.G. Hink
- W.N.L. Donker
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak wegens ontbreken causaal verband bij ongeval met RIB en letsel passagiers
Op 17 september 2010 voer verdachte met een Rigid Inflatable Boat (RIB) met acht passagiers langs de kust van Scheveningen. Door de weersomstandigheden sloeg de boot om en raakten meerdere passagiers te water, waarbij enkele letsel opliepen.
De officier van justitie stelde dat verdachte roekeloos en nalatig handelde door onvoldoende instructies te geven, geen zwemvaardigheid te vragen en geen geschikte kleding of reddingsvesten te verstrekken. De verdediging betoogde dat verdachte binnen de veiligheidsnormen had gevaren en dat er geen causaal verband was tussen zijn handelen en het ongeval.
De rechtbank stelde vast dat verdachte voldoende kundig was en de boot geschikt was voor de weersomstandigheden. Hoewel verdachte onzorgvuldig was in de voorbereiding en instructie, ontbrak het causaal verband tussen deze nalatigheden en het letsel van de passagiers. Daarom sprak de rechtbank verdachte vrij van het ten laste gelegde.
De vorderingen tot schadevergoeding van de benadeelden werden niet-ontvankelijk verklaard, omdat zij deze bij de burgerlijke rechter moeten indienen. De rechtbank veroordeelde hen in de kosten van de verdediging van verdachte, welke nihil werden begroot.
Uitkomst: Verdachte wordt vrijgesproken omdat niet bewezen is dat hij roekeloos of nalatig handelde bij het ongeval met de RIB.