ECLI:NL:RBSGR:2011:BU6724
Rechtbank 's-Gravenhage
- Voorlopige voorziening
- E.B. de Vries - van den Heuvel
- Rechtspraak.nl
Voorlopige voorziening tegen uitzetting wegens onvoldoende veilige behandelomgeving in land van herkomst
Verzoekster heeft een aanvraag ingediend voor een verblijfsvergunning voor medische behandeling en verzocht om toepassing van artikel 64 Vreemdelingenwet Pro 2000, welke door verweerder is afgewezen. Na bezwaar en beroep is het besluit vernietigd en verzocht verzoekster om een voorlopige voorziening om uitzetting te voorkomen totdat het bezwaar opnieuw is beslist.
De kern van het geschil betreft de vraag of er sprake is van een veilige behandelomgeving in het land van herkomst Armenië, essentieel voor de voortzetting van de behandeling van verzoekster die lijdt aan PTSS en ernstige psychiatrische problematiek. Het Bureau Medische Advisering (BMA) heeft in haar advies aangegeven dat het medisch niet te objectiveren is hoe verzoekster zich na terugkeer zal voelen, en heeft geen oordeel gegeven over de aanwezigheid van een veilige behandelomgeving.
De behandelaars van verzoekster stellen echter dat Armenië geen veilige behandelomgeving biedt vanwege de traumatisering en psychiatrische klachten van verzoekster, wat de effectiviteit van de behandeling ernstig bedreigt. De voorzieningenrechter oordeelt dat het BMA-advies onvolledig is omdat het niet heeft onderzocht of aan de behandelvoorwaarde van een veilige behandelomgeving kan worden voldaan.
Gelet op deze onvolledigheid en de medische adviezen van de behandelaars, acht de voorzieningenrechter het bezwaar niet kansloos en wijst de voorlopige voorziening toe. Verweerder wordt verboden verzoekster uit te zetten voordat op het bezwaar is beslist en wordt veroordeeld tot vergoeding van proceskosten en griffierecht.
Uitkomst: De voorzieningenrechter wijst de voorlopige voorziening toe en verbiedt de uitzetting van verzoekster totdat op het bezwaar is beslist.