ECLI:NL:RBSGR:2011:BU7277
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- H.C. Greeuw
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijk verklaring beroep tegen afwijzing asielaanvraag wegens ongewenstverklaring
Eiser, een vreemdeling van Soedanese nationaliteit, werd ongewenst verklaard en diende meerdere asielaanvragen in die werden afgewezen. Hij stelde dat het Europese recht hem bescherming biedt tegen uitzetting en dat hij zijn vrees voor vervolging niet adequaat kan aanvoeren in procedures tegen de ongewenstverklaring.
De rechtbank overwoog dat volgens vaste jurisprudentie een vreemdeling geen belang heeft bij beroep tegen een afwijzing van een verblijfsvergunning zolang hij ongewenst is verklaard, omdat dit beroep niet tot rechtmatig verblijf kan leiden. Internationale bescherming wordt gewaarborgd via procedures tegen de ongewenstverklaring zelf, waar rechtsmiddelen openstaan.
De rechtbank verwierp de stellingen van eiser dat het nationale recht moet wijken voor het Unierecht en dat het procesrecht tekortschiet. Ook het beroep op het non-refoulementbeginsel en diverse Europese richtlijnen en verdragen werd niet gevolgd. Gelet op het ontbreken van belang verklaarde de rechtbank het beroep niet-ontvankelijk.
Uitkomst: Het beroep tegen de afwijzing van de asielaanvraag wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens gebrek aan procesbelang zolang de ongewenstverklaring niet is opgeheven.