ECLI:NL:RBSGR:2011:BV2516
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Weigering machtiging voortzetting inbewaringstelling wegens onzorgvuldige geneeskundige verklaring
De rechtbank 's-Gravenhage behandelde op 30 september 2011 het verzoek van de officier van justitie tot machtiging tot voortzetting van de inbewaringstelling van betrokkene in een psychiatrisch ziekenhuis. Betrokkene werd bijgestaan door zijn advocaat en de rechtbank liet zich voorlichten door de arts-assistent die betrokken was bij de zaak.
Uit de stukken bleek dat de geneeskundige verklaring waarop de inbewaringstelling was gebaseerd, was opgesteld door een arts in opleiding tot specialist (AIOS) die betrokkene niet zelf had onderzocht. Betrokkene was op zaterdag 24 september 2011 opgenomen, maar het psychiatrisch onderzoek vond pas twee dagen later plaats, op maandag 26 september 2011. De rechtbank oordeelde dat dit tijdsverloop de redelijke termijn voor het uitvoeren van een dergelijk onderzoek aanzienlijk overschreed.
De rechtbank stelde vast dat het feit dat de opname in het weekend plaatsvond, deze overschrijding niet rechtvaardigde. De combinatie van het ontbreken van een persoonlijk onderzoek door de AIOS en de lange wachttijd tot het psychiatrisch onderzoek vormde een ernstige inbreuk op de rechten van betrokkene.
Daarom concludeerde de rechtbank dat voortzetting van de inbewaringstelling niet gerechtvaardigd was en weigerde zij de gevraagde machtiging. Deze beslissing werd genomen op basis van de toepasselijke artikelen van de Wet bijzondere opnemingen in psychiatrische ziekenhuizen (Wet Bopz).
Uitkomst: De rechtbank weigert de machtiging tot voortzetting van de inbewaringstelling wegens onzorgvuldige geneeskundige verklaring en te lang tijdsverloop tot psychiatrisch onderzoek.