ECLI:NL:RBSGR:2011:BV3508
Rechtbank 's-Gravenhage
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Toewijzing voorlopige voorziening voor terugkeervisum minderjarige vreemdeling geboren in Nederland
Verzoekster, een minderjarige vreemdeling van Egyptische nationaliteit die in Nederland is geboren en getogen, vroeg een terugkeervisum aan om deel te nemen aan een verplichte projectweek in Barcelona. De minister wees dit visum af omdat verzoekster niet met een geldige machtiging tot voorlopig verblijf (mvv) Nederland is binnengekomen, conform beleidsregels die dit vereisen.
Verzoekster maakte bezwaar en vroeg een voorlopige voorziening. De voorzieningenrechter oordeelt dat de minister met toepassing van artikel 4:84 Awb Pro van de beleidsregel moet afwijken omdat verzoekster zelf nooit aan de mvv-voorwaarde kon voldoen, de minister niet kon aantonen dat hiermee bij het beleid rekening is gehouden, en het bezwaar tegen een eerdere afwijzing van een verblijfsvergunning nog niet is beslist.
De rechter stelt dat het individuele belang van verzoekster om aan de projectweek deel te nemen zwaarder weegt dan het belang van de minister bij handhaving van de beleidsregel. Daarom wordt de voorlopige voorziening toegewezen en wordt de minister veroordeeld tot betaling van proceskosten en griffierecht.
Uitkomst: De voorzieningenrechter draagt de minister op verzoekster te behandelen alsof zij in het bezit is van een terugkeervisum voor deelname aan de projectweek.