ECLI:NL:RBSGR:2011:BW4757
Rechtbank 's-Gravenhage
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Afwijzing voorlopige voorziening visumaanvraag wegens twijfel aan identiteit en huwelijk
Verzoeker heeft een inreisvisum aangevraagd om samen met zijn Nederlandse echtgenote de kerstdagen in Polen door te brengen. Verweerder, de bevoegde autoriteit, heeft de aanvraag afgewezen vanwege twijfels over de identiteit van verzoeker. Deze twijfels zijn gebaseerd op het feit dat verzoeker eerder in Nederland verbleef met een andere geboortedatum dan op de overgelegde geboorte- en huwelijksakten staat vermeld.
De voorzieningenrechter stelt vast dat deze twijfel aan de identiteit van verzoeker gerechtvaardigd is. Tevens bestaat daardoor twijfel aan de geldigheid van het huwelijk en daarmee aan de toepasselijkheid van Richtlijn 2004/38/EG, die het recht op verblijf voor familieleden van EU-burgers regelt. Verzoeker kon de familieband onvoldoende aantonen.
Verzoeker voerde aan dat een geboorteakte niet vereist is en dat eerdere onjuiste gegevens hem niet kunnen worden tegengeworpen, maar deze argumenten werden verworpen. De voorzieningenrechter oordeelt dat verweerder terecht het visum niet heeft verleend en dat het verzoek om een voorlopige voorziening moet worden afgewezen.
De uitspraak is gedaan door voorzieningenrechter E.B. de Vries-van den Heuvel op 21 december 2011. Tegen deze uitspraak staat geen gewoon rechtsmiddel open.
Uitkomst: Het verzoek om een voorlopige voorziening wordt afgewezen wegens gerechtvaardigde twijfel aan de identiteit van verzoeker en de geldigheid van het huwelijk.