ECLI:NL:RBSGR:2012:BV2004
Rechtbank 's-Gravenhage
- Verzet
- J.W.H.B. Sentrop
- Rechtspraak.nl
Beoordeling ontvankelijkheid beroep tegen niet tijdig genomen besluit op bezwaar
Opposant stelde op 27 mei 2011 beroep in tegen het niet tijdig nemen van een besluit op zijn bezwaar van 19 april 2011. De rechtbank verklaarde dit beroep niet-ontvankelijk omdat het beroep prematuur was ingesteld, aangezien de beslistermijn op het bezwaar nog liep tot 6 juli 2011. Verzet tegen deze niet-ontvankelijkverklaring werd ingesteld op 26 september 2011.
De rechtbank overwoog dat de ingebrekestelling van 29 april 2011 niet rechtsgeldig was omdat de beslistermijn nog niet was verstreken. De rechtbank benadrukte dat artikel 6:20, derde lid, van de Awb geen toepassing vindt zolang het beroep op andere gronden niet-ontvankelijk is verklaard. De rechtbank verwierp het verzet en bevestigde de eerdere niet-ontvankelijkverklaring.
Opposant had aangevoerd dat de rechtbank artikel 6:20, vierde lid, en artikel 6:10, tweede lid, Awb had moeten toepassen en dat het onbillijk was het beroep niet-ontvankelijk te verklaren. Ook verwees hij naar eerdere jurisprudentie. De rechtbank oordeelde echter dat deze argumenten niet tot een andere uitkomst leiden en dat het verzet slechts ziet op de procedurele ontvankelijkheid, niet op de inhoud van de zaak.
De uitspraak werd gedaan door rechter Sentrop en griffier Van Veen op 25 januari 2012. Tegen deze uitspraak is geen hoger beroep mogelijk.
Uitkomst: Het beroep van opposant wordt niet-ontvankelijk verklaard en het verzet tegen deze beslissing wordt ongegrond verklaard.