ECLI:NL:RBSGR:2012:BV6456
Rechtbank 's-Gravenhage
- Voorlopige voorziening+bodemzaak
- R. Sipkens
- Rechtspraak.nl
Afwijzing aanvraag verblijfsvergunning zelfstandige Turkse onderdaan wegens onvoldoende onderbouwing ondernemingsplan
Eiser, een Turkse onderdaan, verzocht om een verblijfsvergunning als zelfstandig ondernemer in Nederland. Verweerder wees het verzoek af omdat het ingediende ondernemingsplan onvoldoende inzicht bood in de bedrijfsplannen en financiële onderbouwing ontbrak. De rechtbank oordeelde dat de stukken ontoereikend waren om aan te tonen dat met de onderneming een wezenlijk Nederlands economisch belang werd gediend.
Tijdens de zitting gaf eiser aan dat de omzetcijfers door een boekhouder waren opgesteld, maar kon geen actuele gegevens of nadere onderbouwing van de bedrijfsvoering overleggen. Ondanks uitnodigingen van verweerder werden geen aanvullende stukken aangeleverd. De rechtbank vond de weerspreking van verweerder onvoldoende en stelde dat de intentieverklaringen niet voldoende waren om de aanvraag alsnog positief te beoordelen.
De rechtbank benadrukte dat verweerder meer invulling had kunnen geven aan het hoorrecht door de gebreken in het ondernemingsplan ter discussie te stellen en nadere informatie te vragen, maar dit niet had gedaan. Het beroep werd ongegrond verklaard en het verzoek om voorlopige voorziening afgewezen. Tegen deze uitspraak staat hoger beroep open bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.
Uitkomst: Het beroep wordt ongegrond verklaard en het verzoek om voorlopige voorziening wordt afgewezen wegens onvoldoende onderbouwing van het ondernemingsplan.