ECLI:NL:RBSGR:2012:BV7522
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- C.M. Roskam
- Rechtspraak.nl
Weigering toelating wettelijke schuldsaneringsregeling wegens onvoldoende minnelijk traject
Verzoekster, alleenstaand en met financiële problemen na het vertrek van haar partner, verzocht toelating tot de wettelijke schuldsaneringsregeling (WSNP). Zij had een woning met hypotheken en een schuldpositie van ruim €93.000. In het minnelijk traject bood zij haar schuldeisers een regeling aan waarbij zij wilde blijven wonen in de woning, ondanks mede-eigendom van haar voormalige partner die onvindbaar is.
De rechtbank oordeelt dat verzoekster onvoldoende rekening hield met de juridische positie van schuldeisers zoals die geldt in het wettelijke traject. Haar aanbod hield geen rekening met de verplichte verkoop van de woning en de juiste verdeling van schulden. Ook was zij niet actief op zoek naar goedkopere woonruimte. Hierdoor was het minnelijk traject niet van voldoende kwaliteit.
De rechtbank weigert daarom de verklaring ex art. 285 lid 1 onder Pro f Faillissementswet en verklaart verzoekster niet-ontvankelijk. Er is onvoldoende aangetoond dat een minnelijke regeling niet mogelijk is, zodat toelating tot de WSNP niet kan worden verleend.
Uitkomst: Verzoekster wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens onvoldoende minnelijk traject en weigering verklaring ex art. 285 lid 1 onder f Faillissementswet.