ECLI:NL:RBSGR:2012:BV7646
Rechtbank 's-Gravenhage
- Kort geding
- M.Th. Nijhuis
- Rechtspraak.nl
Afwijzing schorsing tenuitvoerlegging teruggeleiding minderjarigen naar Nigeria
De vrouw vordert in kort geding de schorsing van de tenuitvoerlegging van een beschikking van het hof die de teruggeleiding van haar minderjarige kinderen naar Nigeria gelast. De moeder betoogt dat het hof ten onrechte het Haagse Verdrag toepaste, onvoldoende rekening hield met de bezwaren van de kinderen en dat de verslechterde veiligheidssituatie in Nigeria en de heftige reactie van de kinderen een noodtoestand vormen.
De rechtbank overweegt dat het Verdrag ook analoog van toepassing is op niet-verdragstaten zoals Nigeria, conform de Uitvoeringswet en wetsgeschiedenis. Het hof heeft de bezwaren van de kinderen gehoord en gemotiveerd beoordeeld, waarbij het verzet van de zoon niet als verzet in de zin van het Verdrag werd aangemerkt. De veiligheidssituatie in Nigeria is ondanks recente aanslagen en stakingen niet zodanig verslechterd dat teruggeleiding onverantwoord is.
De rechtbank concludeert dat geen juridische of feitelijke misslagen zijn gemaakt en dat geen noodtoestand is ontstaan die opschorting rechtvaardigt. De vordering tot schorsing wordt afgewezen en de vrouw wordt veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: De vordering tot schorsing van de teruggeleiding van de minderjarigen naar Nigeria wordt afgewezen.