ECLI:NL:RBSGR:2012:BV8094
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling voortzetting en verlenging vreemdelingenbewaring na wetswijziging Vreemdelingenwet 2000
De rechtbank 's-Gravenhage behandelde twee procedures van een vreemdeling tegen besluiten omtrent zijn vreemdelingenbewaring en de verlenging daarvan. Het verlengingsbesluit was genomen vóór de inwerkingtreding van een wetswijziging die de kennisgevingstermijn aan de rechtbank regelt. De rechtbank oordeelde dat de kennisgeving door verweerder te laat was gedaan, waardoor het beroep niet-ontvankelijk is verklaard.
Met betrekking tot de voortzetting van de bewaring overwoog de rechtbank dat verweerder voldoende voortvarend had gehandeld om de uitzetting van eiser naar Guinee te realiseren, ondanks dat de vreemdeling al ruim zeven maanden in bewaring verbleef. De belangenafweging leidde tot de conclusie dat het belang van de vreemdeling om in vrijheid te worden gesteld na zes maanden doorgaans zwaarder weegt, maar in deze zaak door het uitblijven van medewerking van eiser aan zijn terugkeer het voortduren van de bewaring gerechtvaardigd bleef.
De rechtbank wees het verzoek om schadevergoeding af en veroordeelde verweerder in de proceskosten van de niet-ontvankelijke procedure. De uitspraak werd gedaan door rechter A.M. Schutte op 20 januari 2012 en is openbaar.
Uitkomst: Het beroep tegen het verlengingsbesluit is niet-ontvankelijk verklaard en het beroep tegen de voortzetting van de bewaring is ongegrond.