ECLI:NL:RBSGR:2012:BV8680
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- H.C. Greeuw
- Rechtspraak.nl
Beoordeling vrijheidsontneming bij weigering toegang en afwijzing asielverzoek
Eisers, twee Myanmarese asielzoekers, kregen op 2 februari 2012 de toegang tot Nederland geweigerd en een vrijheidsontnemende maatregel opgelegd op grond van de Vreemdelingenwet. Zij stelden dat deze maatregel in strijd was met internationale verdragen zoals het Vluchtelingenverdrag, het EVRM en de Opvangrichtlijn, en dat voortzetting na afwijzing van het asielverzoek onrechtmatig was.
De rechtbank oordeelde dat artikel 26 van Pro het Vluchtelingenverdrag alleen ziet op erkende vluchtelingen, wat eisers niet waren. Ook werd geoordeeld dat de maatregel niet in strijd is met artikel 5 EVRM Pro omdat deze strekt tot het voorkomen van onrechtmatige binnenkomst. De rechtbank volgde de uitleg van het Hof van Justitie inzake Kadzoev dat voortzetting van de maatregel na afwijzing van het asielverzoek niet onrechtmatig is, ook als geen nieuw besluit is genomen.
Verder concludeerde de rechtbank dat verweerder de noodzaak van de maatregel had kunnen beoordelen op basis van het ontbreken van identiteitsdocumenten, het verscheuren van paspoorten en vliegtickets, en onvoldoende middelen van bestaan. De rechtbank vond dat verweerder niet hoefde over te gaan tot lichtere maatregelen. De beroepen werden ongegrond verklaard en verzoeken om schadevergoeding afgewezen.
Uitkomst: De beroepen tegen de vrijheidsontnemende maatregel worden ongegrond verklaard en de verzoeken om schadevergoeding afgewezen.