ECLI:NL:RBSGR:2012:BV9723
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Intrekking Kamertoelage en afbouwregeling bij niet-vergadergebonden functie Tweede Kamer
Eiseres, werkzaam bij de Tweede Kamer der Staten-Generaal in een functie die sinds 2003 niet langer als vergadergebonden wordt aangemerkt, kreeg een Kamertoelage toegekend die later werd omgezet in een periodieke toeslag op grond van het BBRA 1984. In 2010 besloot verweerder de Kamertoelage en de Inconveniëntentoeslag in te trekken omdat eiseres niet meer in een vergadergebonden functie werkzaam was, en stelde een afbouwregeling in.
Eiseres voerde aan dat haar toeslag onvoorwaardelijk was toegezegd en dat zij nog steeds haar functie vervult en beschikbaar is voor avonddiensten. Zij betoogde dat het convenant van 7 september 2009 haar niet bindt en dat de wijziging van de toeslag niet rechtsgeldig was.
De rechtbank oordeelde dat het besluit van verweerder gegrond is, mede omdat de Kamertoelage en de toeslag onderdeel zijn van ambtelijke rechtspositieregelingen die kunnen worden gewijzigd. De toezegging uit 2003 werd niet als onvoorwaardelijk en blijvend beschouwd. De afbouwregeling is redelijk en in lijn met de geldende regelgeving. Het beroep is daarom ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het beroep tegen het besluit tot intrekking van de Kamertoelage en toekenning van een afbouwregeling wordt ongegrond verklaard.