ECLI:NL:RBSGR:2012:BW0018
Rechtbank 's-Gravenhage
- Kort geding
- R.J. Paris
- Rechtspraak.nl
Beoordeling aanbestedingsprocedure openbaar vervoer Haaglanden-Stad en level playing field
Veolia heeft Haaglanden en HTM gedagvaard wegens vermeende schending van aanbestedingsrecht bij de Europese aanbesteding van de concessie openbaar vervoer bus Haaglanden-Stad. Veolia stelde dat Haaglanden onvoldoende informatie verstrekte, waardoor geen gelijk speelveld voor inschrijvers bestond, en dat HTM onrechtmatig werd bevoordeeld. Tevens werd bezwaar gemaakt tegen het financiële kader en een gewijzigde gunningssystematiek.
De rechtbank oordeelde dat Veolia ontvankelijk was, maar dat Haaglanden en HTM niet onrechtmatig hadden gehandeld. De verstrekte informatie was voldoende, mede gezien onafhankelijke deskundigenverklaringen over personeelsopgaven. Het financiële kader was niet onrechtmatig, aangezien inschrijvers zelf hun inschrijving moeten beoordelen op haalbaarheid. De vermeende bevoordeling van HTM was onvoldoende onderbouwd.
Wel werd geoordeeld dat de plotselinge wijziging van de gunningssystematiek in de zesde Nota van Inlichtingen in strijd was met het gelijkheids- en transparantiebeginsel, omdat dit een wezenlijke verandering van de opdracht inhoudt kort voor sluiting inschrijftermijn. Daarom werd het gebruik van deze alternatieve systematiek verboden.
Veolia werd veroordeeld in de proceskosten. De overige vorderingen werden afgewezen, waarmee de aanbestedingsprocedure grotendeels werd bekrachtigd.
Uitkomst: Vordering Veolia afgewezen behalve verbod op gebruik gewijzigde gunningssystematiek; Veolia veroordeeld in proceskosten.