ECLI:NL:RBSGR:2012:BW2966
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid beroep tegen terugkeerbesluit en doorzending bezwaar inreisverbod
Eiseres, van Oekraïense nationaliteit, heeft beroep ingesteld tegen een terugkeerbesluit en een inreisverbod opgelegd door de minister voor Immigratie, Integratie en Asiel. De rechtbank stelt vast dat de eerdere afwijzing van haar verblijfsvergunningaanvraag van 14 februari 2011 tevens geldt als terugkeerbesluit. Omdat eiseres niet heeft aangetoond de Europese Unie te hebben verlaten na deze datum, is het terugkeerbesluit nog steeds van kracht.
De rechtbank oordeelt dat het terugkeerbesluit van 22 maart 2011 geen besluit in de zin van artikel 1:3 van Pro de Algemene wet bestuursrecht is, waardoor het beroep tegen dit besluit niet-ontvankelijk wordt verklaard. Het inreisverbod, dat niet is opgenomen in artikel 75 van Pro de Vreemdelingenwet, wordt gezien als een zelfstandig besluit waartegen geen rechtstreeks beroep openstaat, maar wel bezwaar.
Daarom zendt de rechtbank het beroep tegen het inreisverbod door aan de minister om als bezwaar te worden behandeld. Het verzoek om schadevergoeding wordt afgewezen. Eiseres is niet verschenen bij de zitting, maar haar gemachtigde heeft gronden ingediend. Tegen deze uitspraak staat hoger beroep open bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.
Uitkomst: Het beroep tegen het terugkeerbesluit wordt niet-ontvankelijk verklaard en het beroep tegen het inreisverbod wordt doorgezonden als bezwaar.