ECLI:NL:RBSGR:2012:BW3100
Rechtbank 's-Gravenhage
- Voorlopige voorziening+bodemzaak
- Rechtspraak.nl
Afwijzing beroep en voorlopige voorziening inzake gebruik niet-beëdigde tolken bij asielprocedure
Verzoeker, een asielzoeker uit Gambia, diende een aanvraag in voor een verblijfsvergunning die werd afgewezen omdat Zwitserland verantwoordelijk is voor de behandeling van zijn asielaanvraag. Verzoeker stelde dat de procedure onzorgvuldig was omdat tolken werden ingezet die niet beëdigd waren en geen recente verklaring omtrent gedrag (VOG) hadden.
De voorzieningenrechter oordeelde dat het gebruik van niet-beëdigde tolken was toegestaan omdat voor de talen van verzoeker geen beëdigde tolken beschikbaar waren. Hoewel de VOG's van de tolken niet recent waren, was de integriteit en kwaliteit van de tolken voldoende gewaarborgd, mede door hun frequente inzet zonder klachten. Communicatieproblemen waren niet vastgesteld.
Verder werd vastgesteld dat de asielaanvraag niet onzorgvuldig was behandeld en dat Zwitserland terecht als verantwoordelijke lidstaat was aangewezen op grond van de Dublin-verordening. Het beroep en het verzoek om voorlopige voorziening werden daarom afgewezen en het beroep werd ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het beroep en het verzoek om voorlopige voorziening worden afgewezen en het beroep wordt ongegrond verklaard.