ECLI:NL:RBSGR:2012:BW3464
Rechtbank 's-Gravenhage
- Voorlopige voorziening+bodemzaak
- G.W.S. de Groot
- Rechtspraak.nl
Vernietiging ongewenstverklaring wegens onvoldoende belangenafweging gezinsleven
Eiser, van Nigeriaanse nationaliteit, diende een aanvraag in voor een verblijfsvergunning op grond van gezinsleven conform artikel 8 EVRM Pro. Verweerder wees deze aanvraag af en verklaarde eiser ongewenst vanwege een eerdere veroordeling tot negen maanden gevangenisstraf voor drugsovertredingen. Eiser maakte bezwaar en stelde beroep in tegen beide besluiten.
De rechtbank oordeelde dat verweerder onvoldoende rekening had gehouden met de belangen van de in Nederland geboren en genaturaliseerde kinderen van eiser, die recht ontlenen aan hun Nederlandse nationaliteit en verblijf. Verweerder had zich beperkt tot het constateren dat het gezinsleven in Nigeria kon worden voortgezet en dat kinderen zich elders konden aanpassen, zonder nadere uitwerking van de gevolgen voor het gezin in Nederland.
De rechtbank stelde dat verweerder ook de langdurige verblijfsprocedures en het rechtmatig verblijf in afwachting daarvan onvoldoende had betrokken bij de belangenafweging. Op grond hiervan werd het beroep gegrond verklaard en het besluit vernietigd, met de opdracht tot heroverweging binnen tien weken. Tevens werd een voorlopige voorziening getroffen die uitzetting van eiser verbiedt tot vier weken na herbeslissing.
Het beroep tegen de afwijzing van de verblijfsvergunning werd niet-ontvankelijk verklaard vanwege het ontbreken van belang zolang de ongewenstverklaring van kracht is. Verzoeken om voorlopige voorzieningen in die zaak werden afgewezen. De rechtbank veroordeelde verweerder tot vergoeding van proceskosten en griffierechten.
Uitkomst: Het besluit tot ongewenstverklaring is vernietigd en uitzetting van eiser is tijdelijk opgeschort.