ECLI:NL:RBSGR:2012:BW9288
Rechtbank 's-Gravenhage
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Voorlopige voorziening tegen uitzetting Afghaanse familie wegens bezwaar MoRR
Verzoekers, een Afghaanse familie behorend tot de Sikh-minderheid en geleid door een alleenstaande vrouw, hebben bezwaar gemaakt tegen hun uitzetting naar Afghanistan. Ondanks eerdere afwijzing van een verzoek om voorlopige voorziening, overlegt de familie nieuwe documenten, waaronder een brief van het Ministry of Refugees and Repatriation (MoRR) waarin bezwaar wordt gemaakt tegen de uitzetting vanwege de kwetsbare positie van de familie.
De rechtbank constateert dat het MoRR bezwaar heeft gemaakt tegen de uitzetting en dat dit bezwaar niet zonder meer genegeerd kan worden. Verweerder stelde dat de aanvraag tot verblijf een herhaalde aanvraag was zonder nieuwe feiten, maar de rechtbank oordeelt dat de ingebrachte documenten en verklaringen wel degelijk nieuwe elementen bevatten die een herbeoordeling rechtvaardigen.
Daarom wordt het verzoek om een voorlopige voorziening toegewezen, waardoor de uitzetting wordt opgeschort totdat het bezwaar is behandeld. Een tweede verzoek om voorlopige voorziening wordt afgewezen omdat het daarmee overbodig is geworden. Verweerder wordt veroordeeld tot vergoeding van de proceskosten aan verzoekers. Tegen deze uitspraak staat geen rechtsmiddel open.
Uitkomst: De rechtbank wijst het verzoek tot voorlopige voorziening toe en schorst de uitzetting tot het bezwaar is beslist.