ECLI:NL:RBSGR:2012:BX1325
Rechtbank 's-Gravenhage
- Voorlopige voorziening+bodemzaak
- Rechtspraak.nl
Afwijzing beroep tegen terugkeerbesluit en inreisverbod vreemdeling
Verzoeker, een staatloze vreemdeling, diende een aanvraag in voor een verblijfsvergunning die door verweerder werd afgewezen. Tegelijkertijd werd een inreisverbod van twee jaar opgelegd. Verzoeker stelde dat verweerder het inreisverbod niet als zelfstandige beschikking had mogen opleggen en dat zijn persoonlijke omstandigheden onvoldoende waren meegewogen.
De rechtbank oordeelde dat geen sprake was van nieuwe feiten of veranderde omstandigheden die een herbeoordeling rechtvaardigen. De dienstweigering van verzoeker werd als ongeloofwaardig beoordeeld en zijn medische situatie bood geen grond voor toepassing van artikel 3 EVRM Pro. Ook werd onvoldoende aannemelijk gemaakt dat hij zijn Turkse staatsburgerschap had verloren.
Ten aanzien van het inreisverbod stelde de rechtbank vast dat dit terecht gelijktijdig met het terugkeerbesluit was opgelegd en dat de maximale duur van twee jaar passend was, omdat verzoeker geen bijzondere individuele omstandigheden aannemelijk had gemaakt. Het beroep en het verzoek om voorlopige voorziening werden ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het beroep tegen het terugkeerbesluit en het inreisverbod wordt ongegrond verklaard en het verzoek om voorlopige voorziening afgewezen.