ECLI:NL:RBSGR:2012:BX1584
Rechtbank 's-Gravenhage
- Voorlopige voorziening+bodemzaak
- Rechtspraak.nl
Rechtmatig verblijf in afwachting beslissing op aanvraag artikel 64 Vreemdelingenwet 2000
Eiser, een uitgeprocedeerde asielzoeker, heeft op 13 oktober 2011 een aanvraag ingediend voor verlenging van het uitstel van vertrek op grond van artikel 64 van Pro de Vreemdelingenwet 2000. Hoewel verweerder nog niet op dit verzoek had beslist toen het terugkeerbesluit werd genomen, heeft eiser onbetwist alle relevante stukken aangeleverd. De rechtbank stelt vast dat eiser daardoor rechtmatig verblijf toekomt in afwachting van een beslissing op zijn aanvraag, overeenkomstig de motie Spekman en het daarop gebaseerde beleid.
Verweerder heeft ten onrechte een terugkeerbesluit genomen met een inreisverbod, terwijl eiser gelijk moet worden gesteld aan een vreemdeling met rechtmatig verblijf. Dit betekent dat het terugkeerbesluit en het inreisverbod niet stand kunnen houden. De rechtbank oordeelt dat het besluit niet zorgvuldig is voorbereid en strijdig is met de artikelen 3:2, 3:4 en 3:46 van de Algemene wet bestuursrecht.
De rechtbank verklaart het beroep gegrond, vernietigt het bestreden besluit en wijst het verzoek om een voorlopige voorziening af omdat op het beroep reeds is beslist. Verweerder wordt veroordeeld tot betaling van de proceskosten van € 1.311,-- aan de griffier van de rechtbank. Tegen deze uitspraak staat hoger beroep open bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard en het terugkeerbesluit vernietigd, waardoor eiser rechtmatig verblijf toekomt in afwachting van een beslissing op zijn aanvraag.