ECLI:NL:RBSGR:2012:BX2227
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Geen recht op zorgtoeslag na intrekking verblijfstitel met terugwerkende kracht
Eiser heeft beroep ingesteld tegen de beslissing van de Belastingdienst die het voorschot zorgtoeslag 2011 heeft herzien en uiteindelijk op nihil heeft vastgesteld. De kern van het geschil is of eiser recht heeft op zorgtoeslag over het gehele jaar 2011.
De rechtbank stelt vast dat eiser gedurende de periode van 1 januari tot 11 juli 2011 geen rechtmatig verblijf in Nederland had op grond van de Vreemdelingenwet 2000. Dit betekent dat hij over deze periode geen aanspraak kan maken op zorgtoeslag. Voor de periode van 11 juli tot en met 31 december 2011 verbleef eiser wel rechtmatig, maar omdat deze periode niet voorafging aan een periode van rechtmatig verblijf, vervalt ook voor deze periode het recht op zorgtoeslag volgens artikel 9, eerste lid, van de Algemene wet inkomensafhankelijke regelingen (Awir).
Eiser voerde aan dat hij rechtmatig in Nederland verbleef tot 18 april 2012 en daarom recht zou hebben op zorgtoeslag. De rechtbank wijst dit af en stelt dat de gegevens van de Immigratie- en Naturalisatiedienst (IND) bindend zijn en dat verweerder geen zelfstandige afweging kan maken over de verblijfstatus. Het beroep wordt ongegrond verklaard en de beslissing tot vaststelling van het voorschot op nihil blijft in stand.
De rechtbank ziet geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling vanwege een samenhangende zaak over huurtoeslag waarin wel een vergoeding is toegekend. De uitspraak is gedaan door rechter E.I. Batelaan-Boomsma op 13 juni 2012.
Uitkomst: Het beroep wordt ongegrond verklaard en het voorschot zorgtoeslag 2011 wordt vastgesteld op nihil.