ECLI:NL:RBSGR:2012:BX8193
Rechtbank 's-Gravenhage
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Vernietiging inreisverbod wegens onjuiste toepassing artikel 64 Vreemdelingenwet 2000
Eiser, met Chinese nationaliteit en Tibetaanse herkomst, diende een herhaalde aanvraag in voor een verblijfsvergunning asiel. Verweerder wees deze af op grond van eerdere, in rechte onaantastbare besluiten en legde een inreisverbod op. Eiser voerde aan dat de situatie in Tibet was verslechterd en dat hij vanwege zijn gezondheidstoestand niet kon worden uitgezet, beroepend op artikel 3 EVRM Pro en artikel 64 Vw Pro 2000.
De rechtbank oordeelde dat geen nieuwe feiten of omstandigheden waren aangevoerd die afdoen aan eerdere besluiten. De identiteit en herkomst van eiser bleven ongeloofwaardig, waardoor de aanvraag terecht werd afgewezen. Ten aanzien van het inreisverbod stelde de rechtbank vast dat verweerder dit niet had mogen opleggen zolang nog geen definitieve vaststelling was gedaan over de toepassing van artikel 64 Vw Pro 2000, mede omdat een BMA-onderzoek nog liep.
De rechtbank verklaarde het beroep gegrond voor zover het het inreisverbod betrof, vernietigde dit deel van het besluit en wees het verzoek om voorlopige voorziening af. Tevens veroordeelde zij verweerder in de proceskosten van eiser.
Uitkomst: Het opgelegde inreisverbod wordt vernietigd, de afwijzing van de asielaanvraag blijft in stand.