ECLI:NL:RBSGR:2012:BX9557
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste en enige aanleg
- Rechtspraak.nl
Afwijzing vergoeding woonkosten voor verblijf buiten opvangvoorziening door COA
Eisers, een Iraaks gezin, vroegen het Centraal Orgaan opvang asielzoekers (COA) om vergoeding van woonkosten voor verblijf in een reguliere woning buiten een opvangvoorziening. Verweerder wees dit af omdat eisers niet voldeden aan de voorwaarden voor administratieve plaatsing en er geen sprake was van een uitzonderlijke medische situatie die verblijf buiten een opvangvoorziening noodzakelijk maakt.
Het Sociaal Medisch Advies (SMA) van 18 november 2011 stelde dat het gezin in een asielzoekerscentrum (azc) kon verblijven mits de hulp van de psychiater gewaarborgd bleef en het gezin bij elkaar kon blijven, afgezonderd van contact met anderen. Eisers voerden aan dat het verblijf in een azc schadelijk zou zijn voor de gezondheid van hun zoon vanwege het risico op zelfmoord, en dat verweerder onvoldoende had gemotiveerd waarom plaatsing in het azc [plaats] aan de voorwaarden van het SMA zou voldoen.
De rechtbank oordeelde dat verweerder een zekere beoordelingsvrijheid heeft en dat het besluit zorgvuldig en voldoende gemotiveerd was. De rechtbank volgde eisers niet in hun stelling dat het azc niet voldeed aan de voorwaarden van het SMA, mede omdat het gezin een eigen unit zou krijgen en het azc het meest aangewezen was gezien de afstand tot de psychiater.
De rechtbank concludeerde dat verweerder terecht geen toepassing gaf aan artikel 13, tweede lid, van de Regeling verstrekkingen asielzoekers 2005 en dat eisers gebruik moeten maken van de opvangvoorziening. Het beroep werd ongegrond verklaard en een proceskostenveroordeling werd niet uitgesproken.
Uitkomst: Het beroep tegen de afwijzing van de vergoeding van woonkosten wordt ongegrond verklaard omdat geen sprake is van administratieve plaatsing of een uitzonderlijke medische situatie.