ECLI:NL:RBSGR:2012:BY4950
Rechtbank 's-Gravenhage
- Voorlopige voorziening+bodemzaak
- G.W.S. de Groot
- Rechtspraak.nl
Vernietiging vrijheidsbeperkende maatregel en toekenning schadevergoeding wegens onvoldoende belangenafweging
Eisers verbleven reeds 4,5 jaar in een Nederlandse gemeente en hun kinderen gingen daar naar school. Op 15 maart 2012 werden hun verblijfsvergunningen ingetrokken. Verweerder legde op 25 oktober 2012 een vrijheidsbeperkende maatregel op op grond van artikel 56 Vreemdelingenwet Pro 2000, met overplaatsing naar een uitzetlocatie. Eisers voerden aan dat de belangen van hen en hun kinderen onvoldoende waren meegewogen, dat het beroep kansrijk was en dat een aangekondigde kinderpardonregeling van toepassing kon zijn.
De rechtbank oordeelde dat de maatregel niet proportioneel en subsidiariteit in acht nemend was opgelegd. De motivering van verweerder was onvoldoende toegespitst op de situatie van eisers, en er was geen kenbare belangenafweging gemaakt. Ook was niet onderzocht of lichtere maatregelen mogelijk waren. De rechtbank stelde vast dat de maatregel onrechtmatig was en beveelt opheffing.
Daarnaast kende de rechtbank een immateriële schadevergoeding toe van €35 per persoon per dag voor de zes dagen dat eisers onrechtmatig in hun bewegingsvrijheid waren beperkt, totaal €1050. Verweerder werd veroordeeld tot betaling van proceskosten. Verzoeken om voorlopige voorzieningen werden afgewezen omdat het belang was komen te vervallen.
Uitkomst: De vrijheidsbeperkende maatregel wordt vernietigd en eisers ontvangen een schadevergoeding van €1050 wegens onrechtmatige vrijheidsbeperking.