ECLI:NL:RBSGR:2012:BY5054
Rechtbank 's-Gravenhage
- Kort geding
- Rechtspraak.nl
Afwijzing schorsing executie vervangende hechtenis wegens ontbreken misbruik procesrecht
Eiser is wegens bijstandsfraude veroordeeld tot een werkstraf van 220 uur, subsidiair 110 dagen hechtenis, waarvan de tenuitvoerlegging van de taakstraf is beëindigd zonder dat hij uren had verricht. De OvJ heeft daarop de vervangende hechtenis bevolen, waartegen eiser bezwaar heeft gemaakt dat ongegrond werd verklaard. Eiser verzocht vervolgens om schorsing van de executie van de hechtenis totdat het hoger beroep is beslist.
De voorzieningenrechter oordeelt dat eiser geen misbruik van procesrecht maakt door deze vordering in kort geding aan te spannen, omdat de vordering anders is dan een eerder afgewezen verzoek en de feitelijke situatie is gewijzigd doordat eiser inmiddels gedetineerd is. Echter slaagt het materiële verweer van de Staat dat de omzettingsbeslissing vaststaat en dat er geen plaats is voor beoordeling in kort geding.
De verwachting van eiser dat het vonnis van februari 2012 zal worden vernietigd acht de voorzieningenrechter niet gerechtvaardigd. Ook het beroep op het gelijkheidsbeginsel faalt wegens onvoldoende vergelijkbaarheid. De vordering tot schorsing wordt daarom afgewezen en eiser wordt veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: Verzoek tot schorsing executie vervangende hechtenis wordt afgewezen en eiser wordt veroordeeld in de proceskosten.