ECLI:NL:RBSGR:2012:BY5999
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Aansprakelijkheid aannemer voor gebreken en schade aan badkamervloer door onvoldoende onderzoek draagkracht en waterkering
In deze civiele zaak vordert eiser [A] schadevergoeding van aannemer [B] wegens gebreken aan de badkamervloer en wanden, veroorzaakt door onvoldoende berekening van de belastbaarheid van de houten vloerbalken en gebrekkige waterkering. De rechtbank benoemde een deskundige die onderzoek deed en concludeerde dat de aannemer tekort was geschoten in zijn zorgplicht, met als gevolg doorbuiging van de vloer en vochtproblemen.
De deskundige rapporteerde dat de houten balken niet voldoende waren onderzocht op draagkracht, waardoor de vloer doorzakte en het marmer beschadigd raakte. Ook was de waterkering onvoldoende, met onjuiste verlijming van tegels en gebrekkige afdichting, wat lekkage veroorzaakte. De aannemer betwistte de onafhankelijkheid van de deskundige en de inhoud van het rapport, maar de rechtbank verwierp deze bezwaren en achtte het rapport betrouwbaar.
De rechtbank oordeelde dat de aannemer in verzuim was en aansprakelijk voor de schade. De gevorderde schadevergoeding werd grotendeels toegewezen, met een korting wegens 'nieuw voor oud'. Daarnaast werden kosten voor bouwbegeleiding en expertisekosten toegewezen. De vorderingen tegen de andere partij, Het Koenehuis B.V., werden afgewezen. De aannemer werd veroordeeld tot betaling van schadevergoeding, rente en proceskosten.
Uitkomst: Aannemer [B] wordt veroordeeld tot betaling van € 28.265,89 schadevergoeding en proceskosten aan [A] wegens gebrekkige vloerbelastingonderzoek en onvoldoende waterkering.