ECLI:NL:RBSGR:2012:BY7548
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Toekenning Nederlandse nationaliteit na erkenning en DNA-bewijs biologisch vaderschap
Verzoekster, geboren in 1997 in Suriname, werd op 28 september 2010 erkend door haar biologische vader, een Nederlander. De erkenning vond plaats terwijl de erkenner gehuwd was met een andere vrouw dan de moeder van verzoekster. De rechtbank had eerder vastgesteld dat er een nauwe persoonlijke betrekking bestaat tussen verzoekster en de erkenner, waardoor de erkenning niet nietig is.
De Rijkswet op het Nederlanderschap vereist dat het biologisch vaderschap binnen één jaar na erkenning wordt aangetoond middels een DNA-onderzoek door een geaccrediteerd laboratorium. Verzoekster overhandigde een eerste DNA-rapport van een niet-geaccrediteerd Amerikaans laboratorium, dat binnen die termijn was uitgevoerd, en een tweede rapport van een geaccrediteerd Nederlands laboratorium met dezelfde conclusie.
De rechtbank oordeelt dat onder deze bijzondere omstandigheden, waarbij het eerste onderzoek binnen de termijn is uitgevoerd maar niet geaccrediteerd was, en het tweede onderzoek de uitkomst bevestigt, het biologisch vaderschap tijdig is aangetoond. Daarom wordt verzoekster vanaf de erkenningsdatum als Nederlander erkend.
Uitkomst: Verzoekster wordt vanaf 28 september 2010 als Nederlander erkend op grond van tijdige aantoning van biologisch vaderschap.