ECLI:NL:RBSGR:2012:BY7550
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek tot vaststelling van het bezit van de Nederlandse nationaliteit na verlies door moeder
Verzoeker, geboren in 1980 in Nieuw-Zeeland, verzocht de rechtbank vast te stellen dat hij de Nederlandse nationaliteit bezit. Dit verzoek is gebaseerd op het argument dat zijn moeder, die ook de Nederlandse nationaliteit bezat, deze niet definitief had verloren door haar langdurige verblijf in Nieuw-Zeeland.
De rechtbank stelde vast dat de moeder van verzoeker op 1 januari 1995 haar Nederlandse nationaliteit verloor wegens tien jaar onafgebroken verblijf in Nieuw-Zeeland, het land van haar geboorte en nationaliteit. Omdat verzoeker toen minderjarig was, verloor hij op grond van de Rijkswet op het Nederlanderschap (RWN) eveneens de Nederlandse nationaliteit.
Verzoekers stelling dat de termijn van tien jaar opnieuw zou zijn gaan lopen per 1 april 2003 en dat zijn moeder daardoor haar nationaliteit niet definitief had verloren, werd door de rechtbank verworpen. De moeder had geen gebruik gemaakt van de mogelijkheid tot herkrijging van de Nederlandse nationaliteit via een schriftelijke verklaring.
De rechtbank concludeerde dat verzoeker de Nederlandse nationaliteit niet langer bezit en wees het verzoek af. De beschikking werd op 20 december 2012 uitgesproken door de rechtbank 's-Gravenhage.
Uitkomst: Het verzoek tot vaststelling van het bezit van de Nederlandse nationaliteit wordt afgewezen omdat verzoeker deze als minderjarige verloor toen zijn moeder haar nationaliteit verloor.