ECLI:NL:RBSGR:2012:BY9421
Rechtbank 's-Gravenhage
- Raadkamer
- Rechtspraak.nl
Beoordeling beklag tegen vordering gegevens bijzondere notarisrekening in strafrechtelijk onderzoek
In een strafrechtelijk onderzoek naar mogelijke misdrijven heeft de officier van justitie historische gegevens gevorderd met betrekking tot transacties van en naar de bijzondere rekening van klaagster, een notaris. Klaagster stelde dat deze gevorderde informatie onder haar verschoningsrecht valt en niet onder de uitzonderingsbepaling van artikel 25, negende lid, van de Wet op het Notarisambt (Wna).
De rechtbank heeft het beklag van klaagster behandeld en overwogen dat de vragen van de officier van justitie, waaronder die over gevolmachtigden, woordvoerders en contactpersonen, binnen de reikwijdte van de opsporingsbevoegdheid van het openbaar ministerie vallen. De rechtbank verwees daarbij naar de wetsgeschiedenis van artikel 25 Wna Pro, waaruit blijkt dat de officier van justitie ruimere bevoegdheden heeft dan de Belastingdienst bij het opvragen van gegevens over bijzondere rekeningen.
De rechtbank concludeerde dat de gevorderde gegevens niet verder gaan dan wat wettelijk is toegestaan en dat de vordering een proportionele inbreuk vormt op het verschoningsrecht. Daarom verklaarde de rechtbank het beklag ongegrond en verplichtte klaagster tot het verstrekken van de gevraagde informatie.
Uitkomst: De rechtbank verklaart het beklag ongegrond en verplicht tot verstrekking van de gevorderde gegevens.