ECLI:NL:RBSGR:2012:BZ0256
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Vaststelling behoud Nederlandse nationaliteit ondanks vermeende optie Surinaamse nationaliteit
Verzoeker, geboren in 1932 en sinds 1973 in Nederland woonachtig, betwist dat hij op 12 maart 1981 rechtsgeldig heeft geopteerd voor de Surinaamse nationaliteit. De gemeente Rotterdam had op basis van een optieverklaring besloten dat verzoeker de Nederlandse nationaliteit verloor en registreerde zijn nationaliteit als onbekend.
Verzoeker voert aan dat de optieverklaring een kopie is met onjuistheden, ontbrekende legalisatie, ongeldige datum en ontbrekende stempels, en dat hij deze niet heeft ondertekend. Ook bestrijdt hij het adres op het formulier. Het Surinaamse Ministerie van Binnenlandse Zaken verklaarde dat verzoeker nooit Surinaamse nationaliteit heeft verkregen.
De rechtbank twijfelt aan de authenticiteit van de optieverklaring vanwege onduidelijke datum, ontbrekende legalisatie en stempels, en het ontbreken van originele documenten. Ook de mededelingen van Surinaamse autoriteiten ondersteunen het standpunt van verzoeker. De rechtbank stelt vast dat verzoeker vanaf zijn geboorte de Nederlandse nationaliteit bezit en wijst het verzoek tot vernietiging van het besluit van de gemeente Rotterdam af omdat zij daaraan gebonden is.
Uitkomst: Verzoeker bezit vanaf geboorte de Nederlandse nationaliteit; geen rechtsgeldige optie voor Surinaamse nationaliteit vastgesteld.