ECLI:NL:RBSHE:1998:ZF0709
Rechtbank 's-Hertogenbosch
- Eerste aanleg - meervoudig
- P.H.C.M. Schoemaker
- D.J. Hutten
- D.J. de Lange
- Rechtspraak.nl
Vernietiging ontheffing maximale zware burgerluchtvaartuigen Eindhoven 1998 wegens bevoegdheids- en zorgvuldigheidsgebrek
In deze bestuursrechtelijke bodemzaak werd het besluit van 12 juni 1998 bestreden waarbij de Staatssecretaris van Defensie een ontheffing verleende aan Stichting Vliegveld Welschap (SVW) om het maximale aantal zware burgerluchtvaartuigen op het militaire luchtvaartterrein Eindhoven te verruimen tot 936 vliegbewegingen.
De eisers, waaronder de gemeente Veldhoven en een andere partij, voerden aan dat het besluit onbevoegd was genomen omdat het mede de burgerluchtvaart betrof en daarom mede door de Minister van Verkeer en Waterstaat had moeten worden genomen. Daarnaast stelden zij dat het besluit in strijd was met de beginselen van behoorlijk bestuur, met name vanwege het ontbreken van een formele geluidszone en een zorgvuldige belangenafweging.
De rechtbank oordeelde dat het besluit inderdaad onbevoegd was genomen omdat de Minister van Verkeer en Waterstaat mede bevoegd is voor besluiten die de burgerluchtvaart raken. Ook was het besluit in strijd met de Awb omdat een zorgvuldige afweging van de gevolgen van de toename van geluidsbelasting ontbrak. De 35 Kosteneenheden-contour uit 1979 was niet als toetsingskader geschikt en er was onvoldoende onderzoek gedaan naar de feitelijke geluidsemissie.
De rechtbank vernietigde het besluit, veroordeelde de Staat in proceskosten en gelastte vergoeding van het griffierecht. De uitspraak bevestigt het belang van bevoegdheidsvereisten en zorgvuldige milieubelangenafweging bij besluiten over civiel gebruik van militaire luchtvaartterreinen.
Uitkomst: Het besluit van 12 juni 1998 tot verruiming van het maximale aantal zware burgerluchtvaartuigen op Eindhoven wordt vernietigd wegens onbevoegdheid en schending van zorgvuldigheidsbeginselen.