ECLI:NL:RBSHE:1999:AA4522
Rechtbank 's-Hertogenbosch
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Voorlopige voorziening tegen executiemaatregelen woonhuis wegens terugvordering sociale uitkering
Verzoeker was in het verleden ontvanger van arbeidsongeschiktheidsuitkeringen die later onverschuldigd werden betaald. Verweerder, het Landelijk instituut sociale verzekeringen, vorderde terugbetaling van ruim ¦ 32.000,- en legde bij uitblijven van betaling executoriaal beslag op het woonhuis van verzoeker.
Verzoeker diende een bezwaarschrift in tegen het invorderingsbesluit en verzocht de president van de rechtbank om een voorlopige voorziening om de executiemaatregelen op te schorten totdat in de hoofdzaak is beslist. De rechtbank oordeelde dat het invorderingsbesluit mogelijk onrechtmatig is omdat de verplichte terugbetaling binnen twaalf maanden niet gerechtvaardigd is, gezien de omstandigheden en het toepasselijke recht.
De rechtbank stelde vast dat het terugvorderingsbesluit een executoriale titel oplevert, maar dat de termijn van twaalf maanden voor terugbetaling niet passend was omdat het niet duidelijk was dat de terugvordering het gevolg was van het niet nakomen van de inlichtingenplicht. Daarom werd een ruimere termijn passend geacht.
Gezien het spoedeisend belang van verzoeker, die dreigt zijn woonhuis te verliezen, en de redelijke kans dat het bezwaar gegrond wordt verklaard, werd het verzoek tot voorlopige voorziening toegewezen. Tevens werd verweerder veroordeeld tot vergoeding van proceskosten en griffierecht.
Uitkomst: Verzoek tot voorlopige voorziening wordt toegewezen en executiemaatregelen op het woonhuis worden geschorst.