ECLI:NL:RBSHE:1999:AA5340
Rechtbank 's-Hertogenbosch
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek voorlopige voorziening inzake verstrekking proces-verbaal aan korpschef
Verzoeker, een inspecteur van politie, werd verdacht van verduistering en geschorst na een strafrechtelijk onderzoek. De korpschef verzocht een afschrift van het proces-verbaal ten behoeve van een disciplinaire procedure. Verzoeker maakte bezwaar tegen het verstrekken van dit proces-verbaal en vroeg om een voorlopige voorziening.
De president stelde vast dat het primaire besluit bevoegd was genomen en dat de Wet openbaarheid van bestuur (WOB) het toetsingskader vormde. De belangenafweging volgens artikel 10 WOB Pro werd besproken, waarbij het belang van de persoonlijke levenssfeer van verzoeker werd afgewogen tegen het belang van de integriteit van het politiekorps.
De president oordeelde dat het belang van de korpschef, die toezicht houdt op het functioneren van inspecteurs, zwaarder woog dan het privacybelang van verzoeker. Ook werd geoordeeld dat de tuchtrechtprocedure onafhankelijk is van de strafrechtprocedure en eerder kan worden gestart.
Daarom werd het verzoek tot voorlopige voorziening afgewezen en mocht het proces-verbaal aan de korpschef worden verstrekt. Er werden geen proceskosten toegewezen.
Uitkomst: Het verzoek tot het treffen van een voorlopige voorziening wordt afgewezen en het proces-verbaal mag aan de korpschef worden verstrekt.