ECLI:NL:RBSHE:2001:AD4856
Rechtbank 's-Hertogenbosch
- Kort geding
- J.F.M. Strijbos
- Rechtspraak.nl
Afwijzing vordering tot opheffing conservatoir beslag wegens onvoldoende aannemelijkheid wilsgebrek
In deze kort geding procedure vordert eiser, gevolmachtigde van Sorghvliet Consultancy N.V., opheffing van conservatoir beslag dat gedaagde heeft gelegd op zijn onroerende zaken wegens een vordering uit hoofde van een garantstelling. Eiser stelt dat hij onder dwang en bedreiging tot ondertekening van de garantstelling is gebracht, waardoor deze niet rechtsgeldig zou zijn. Gedaagde betwist dit en voert aan dat de garantstelling vrijwillig is ondertekend en dat eiser zich schuldig heeft gemaakt aan oplichting.
De rechtbank beoordeelt of het beslag summierlijk ondeugdelijk is. Hoewel eiser verklaringen en een aangifte overlegt, acht de rechtbank onvoldoende aannemelijk dat de garantstelling onder dwang is getekend. De verklaringen zijn niet direct en overtuigend en het relaas van de bedreiging laat onbeantwoorde vragen. Bovendien is het niet onwaarschijnlijk dat eiser, gezien zijn rol bij Sorghvliet, de garantstelling vrijwillig heeft ondertekend.
Daarnaast weegt de rechtbank het belang van eiser bij opheffing van het beslag af tegen het belang van gedaagde. Eiser stelt dat het beslag verkoop van zijn huis in de weg staat en tot groot financieel verlies leidt, maar biedt geen zekerheid of voldoende verhaal aan gedaagde. De rechtbank oordeelt dat de belangenafweging geen grond geeft voor opheffing.
De vordering wordt daarom afgewezen en eiser wordt veroordeeld in de kosten van het geding.
Uitkomst: De vordering tot opheffing van het conservatoir beslag wordt afgewezen wegens onvoldoende aannemelijkheid van wilsgebrek.