ECLI:NL:RBSHE:2002:AE7017
Rechtbank 's-Hertogenbosch
- Voorlopige voorziening+bodemzaak
- P.H.C.M. Schoemaker
- Rechtspraak.nl
Tijdelijke sluiting coffeeshop wegens verkoop softdrugs aan minderjarigen conform gemeentelijk beleid
De rechtbank 's-Hertogenbosch behandelde het beroep van een coffeeshopexploitant tegen het besluit van de burgemeester om de coffeeshop tijdelijk te sluiten wegens verkoop van softdrugs aan minderjarigen. Het besluit was gebaseerd op artikel 13b van de Opiumwet en het gemeentelijk coffeeshopbeleid, dat verkoop aan jongeren verbiedt.
De exploitant voerde onder meer aan dat het beleid niet gericht is op volksgezondheid maar op openbare orde, dat zij onvoldoende was gewaarschuwd, en dat het bewijs onvoldoende was. De rechtbank oordeelde dat het beleid niet kennelijk onredelijk is en dat de burgemeester zich terecht baseerde op ambtelijke processen-verbaal die de verkoop aan minderjarigen bevestigen.
Verder was de exploitant vooraf schriftelijk gewaarschuwd via een algemene brief van de burgemeester, zodat een individuele waarschuwing niet noodzakelijk was. De tijdelijke sluiting van vijf maanden werd passend geacht gezien de ernst en herhaling van de overtredingen.
De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en wees het verzoek tot voorlopige voorziening af. De exploitant kon tegen deze uitspraak hoger beroep instellen bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.
Uitkomst: De rechtbank verklaart het beroep ongegrond en bevestigt de tijdelijke sluiting van de coffeeshop wegens verkoop van softdrugs aan minderjarigen.