ECLI:NL:RBSHE:2003:AF4099
Rechtbank 's-Hertogenbosch
- Eerste aanleg - meervoudig
- Bruggink
- Koster-van der Linden
- Boersma
- Rechtspraak.nl
Geldboete wegens onjuiste aangifte omzetbelasting door fiscale eenheid met medeplegen
De rechtbank 's-Hertogenbosch behandelde een zaak waarin verdachte en een rechtspersoon werden verdacht van het medeplegen van het opzettelijk doen van een onjuiste aangifte omzetbelasting over juli 1997. De onjuiste aangifte hield verband met de realisatie van een sportcomplex, waarbij een deel van de omzetbelasting niet werd aangegeven.
Tijdens het onderzoek werd vastgesteld dat het bewijs, waaronder schriftelijke stukken verzameld door belastingambtenaren, toelaatbaar was en niet in strijd met het nemo tenetur-beginsel. De verdediging voerde onder meer niet-ontvankelijkheid en schending van richtlijnen aan, maar deze werden verworpen. De rechtbank oordeelde dat de fiscale eenheid niet als rechtspersoon kan worden aangesproken, maar dat de betrokken rechtspersonen als medeplegers strafrechtelijk aansprakelijk zijn.
De rechtbank achtte bewezen dat verdachte en de rechtspersoon opzettelijk een onjuiste aangifte deden, waardoor te weinig belasting werd geheven. De strafmaat werd bepaald op basis van de aard van het feit, de voorbereiding en het winstbejag van verdachte. De rechtbank legde een geldboete van 100.000 euro op aan verdachte, waarbij het gezamenlijke aandeel werd gelijkgesteld aan dat van de gemeente Etten-Leur.
Verdachte werd vrijgesproken van andere tenlastegelegde feiten die niet bewezen konden worden. Het vonnis werd gewezen door de meervoudige kamer en uitgesproken op 7 februari 2003.
Uitkomst: Verdachte is veroordeeld tot een geldboete van EUR 100.000 wegens medeplegen van het opzettelijk doen van een onjuiste aangifte omzetbelasting.