ECLI:NL:RBSHE:2003:AF4924
Rechtbank 's-Hertogenbosch
- Kort geding
- J.H.W. Rullmann
- Rechtspraak.nl
Verbod op ontruiming woning wegens hennepkwekerij met bescherming belangen minderjarige kinderen
In deze zaak vordert eiseres in kort geding dat Woonpartners wordt verboden het vonnis tot ontruiming van haar woning uit te voeren totdat het gerechtshof heeft beslist in hoger beroep. Dit vonnis was gebaseerd op de aanwezigheid van 96 hennepplanten in de woning, wat volgens de kantonrechter een ernstige tekortkoming in de huurovereenkomst vormt. Eiseres stelt dat het vonnis een kennelijke misslag bevat en dat haar belangen en die van haar kinderen prevaleren.
De meerderjarige dochter en de minderjarige dochter, vertegenwoordigd door eiseres, vorderen eveneens bescherming tegen ontruiming, met het oog op hun belangen en het risico op dakloosheid en negatieve gevolgen voor hun opleiding. Woonpartners verzet zich tegen deze vorderingen.
De voorzieningenrechter oordeelt dat het vonnis van de kantonrechter niet berust op een kennelijke misslag en dat de belangenafweging in hoger beroep thuishoort. Wel wordt geoordeeld dat Woonpartners onrechtmatig handelt jegens de minderjarige dochter indien zij het vonnis uitvoert zonder overleg met jeugdzorginstanties en zonder dat passende opvang of huisvesting beschikbaar is. Daarom wordt het verbod op ontruiming toegewezen voor zover het de minderjarige dochter betreft, met een dwangsom voor Woonpartners bij overtreding.
De vorderingen van eiseres en de meerderjarige dochter worden afgewezen, met veroordeling in de proceskosten. Het vonnis benadrukt het belang van overleg tussen woningcorporaties en jeugdzorg bij ontruimingen die minderjarige kinderen raken en het belang van een zorgvuldige belangenafweging.
Uitkomst: De vorderingen van eiseres en meerderjarige dochter worden afgewezen, maar ontruiming wordt verboden zolang geen passende opvang of huisvesting voor de minderjarige dochter beschikbaar is.