ECLI:NL:RBSHE:2003:AF5677
Rechtbank 's-Hertogenbosch
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- H.G. Robers
- Rechtspraak.nl
Afwijzing vordering verval woordmerk Bonica en licentiegeschil rozenras Meidomonac
In deze zaak vordert [X BV] de vervallenverklaring van het woordmerk 'Bonica', geregistreerd op naam van [gedaagde sub 1] en [gedaagde sub 2], omdat het merk volgens haar door gebruik in het normale taalgebruik de gebruikelijke benaming van het rozenras Meidomonac zou zijn geworden. Tevens vorderen de gedaagden in reconventie nakoming van een licentieovereenkomst, waarbij zij eisen dat [X BV] de mutant van het ras Meidomonac mede ten gunste van hen beschermt en exploiteert.
De rechtbank oordeelt dat [X BV] onvoldoende feiten heeft aangevoerd om aan te tonen dat het merk Bonica is verworden tot soortnaam door toedoen of nalaten van de merkhouders. Het gebruik van het teken ® bij Bonica maakt duidelijk dat het een merknaam betreft en niet een soortnaam. Bovendien is het kwekersrecht exclusief bij de gedaagden en hun licentiehouders, waardoor het merk niet als soortnaam kan gelden zolang het ras alleen door hen wordt verhandeld.
Ten aanzien van de reconventionele vordering stelt de rechtbank vast dat [X BV] geen partij is bij de licentieovereenkomst tussen de gedaagden en [Y BV], en dat de gedaagden niet hebben bewezen dat [X BV] de rechten uit die overeenkomst heeft overgenomen. Ook is vastgesteld dat Kasteeltuinen Arcen BV de vinder is van de mutant en dat zij de rechten heeft overgedragen aan [X BV]. De vordering tot nakoming wordt daarom afgewezen.
De rechtbank wijst zowel de vordering in conventie als in reconventie af en veroordeelt de verliezende partijen in de proceskosten. Het vonnis is uitvoerbaar bij voorraad verklaard.
Uitkomst: De rechtbank wijst de vorderingen af en veroordeelt partijen in de proceskosten.