ECLI:NL:RBSHE:2004:AO5078
Rechtbank 's-Hertogenbosch
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling beroep tegen vaststelling natuurgebiedsplannen en EHS in Noord-Brabant
Bij besluit van 2 juli 2002 stelde het college van gedeputeerde staten van Noord-Brabant elf natuurgebiedsplannen en het Beheers- en landschapsgebiedsplan vast, waarbij tevens de Ecologische Hoofdstructuur (EHS) op perceelsniveau werd vastgesteld. Eiser stelde beroep in tegen dit besluit met diverse grieven, onder meer over de onderbouwing van natuurdoeltypen, waterbeheer en het ontbreken van inspraak over de EHS-vaststelling.
De rechtbank oordeelde dat de grieven over de EHS-vaststelling naar de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State moesten worden doorgezonden, omdat deze bevoegd is voor dergelijke beroepen. Verder werd vastgesteld dat eiser als belanghebbende kon worden aangemerkt ondanks het ontbreken van eigendom binnen de begrenzing, mede vanwege de nabijheid van zijn gronden.
De rechtbank verwierp de grieven over onvoldoende onderbouwing en mogelijke wateroverlast wegens gebrek aan concrete aanwijzingen en bewijs. Ook stelde de rechtbank dat de aanwijzing van bos met verhoogde natuurwaarde geen directe verzwaring van het beschermingsregime inhoudt zonder aparte besluitvorming. Het beroep werd daarom ongegrond verklaard voor de natuurgebiedsplannen en niet-ontvankelijk voor het deel over de EHS buiten de Wav-gebieden.
Uitkomst: Beroep ongegrond voor natuurgebiedsplannen en niet-ontvankelijk voor EHS-vaststelling buiten Wav-gebieden.