ECLI:NL:RBSHE:2004:AP0130
Rechtbank 's-Hertogenbosch
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- P.H.C.M. Schoemaker
- Rechtspraak.nl
Weigering openbaarmaking notulen besloten raadsvergadering op grond van Gemeentewet
Eiser verzocht op grond van de Wet openbaarheid van bestuur (WOB) om openbaarmaking van de notulen van de besloten raadsvergadering van 6 mei 2002 van de gemeente Eindhoven. Verweerder weigerde dit op basis van artikel 23, vierde lid, van de Gemeentewet, dat bepaalt dat notulen van besloten vergaderingen niet openbaar worden gemaakt tenzij de raad anders beslist.
Eiser maakte bezwaar tegen deze weigering en stelde tevens dat het besluit tot geheimhouding op grond van artikel 25, eerste lid, van de Gemeentewet onterecht was en dat dit besluit wel een besluit in de zin van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) is. Verweerder verklaarde het bezwaar tegen de geheimhouding niet-ontvankelijk en handhaafde de weigering tot openbaarmaking.
De rechtbank oordeelt dat de openbaarmakingsregeling van de Gemeentewet een uitputtend karakter heeft, waardoor de WOB niet zelfstandig kan worden toegepast op de notulen van besloten vergaderingen. De rechtbank bevestigt dat verweerder terecht de weigering tot openbaarmaking handhaafde en dat het bezwaar tegen het handhaven van de geheimhouding ongegrond is. De rechtbank vernietigt het bestreden besluit voor zover het betrekking heeft op artikel 25, eerste lid, van de Gemeentewet en verklaart het beroep gedeeltelijk gegrond en gedeeltelijk ongegrond.
De rechtbank veroordeelt verweerder in de proceskosten en gelast de gemeente Eindhoven tot vergoeding van het griffierecht. Partijen kunnen binnen zes weken hoger beroep instellen bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.
Uitkomst: De rechtbank vernietigt het besluit tot geheimhouding en verklaart het bezwaar tegen geheimhouding ongegrond, terwijl de weigering tot openbaarmaking van de notulen wordt gehandhaafd.