ECLI:NL:RBSHE:2006:AX3890
Rechtbank 's-Hertogenbosch
- Voorlopige voorziening+bodemzaak
- P.H.C.M. Schoemaker
- Rechtspraak.nl
Afwijzing beroep tegen vrijstelling bestemmingsplan voor werkzaamheden station Brandevoort
Verzoekster heeft beroep ingesteld tegen een besluit van het college van burgemeester en wethouders van een gemeente om vrijstelling te verlenen van het bestemmingsplan ten behoeve van het verleggen van een gastransportleiding en de aanleg van verkeersinfrastructuur bij het station Brandevoort.
De voorzieningenrechter oordeelt dat verzoekster als belanghebbende kan worden aangemerkt en dat er sprake is van een spoedeisend belang. De grieven van verzoekster, met name gebaseerd op de Flora- en faunawet, worden inhoudelijk beoordeeld. De rechtbank acht de door de gemeente uitgevoerde inventarisatie van beschermde dier- en plantensoorten deskundig en voldoende, en wijst de stellingen van verzoekster over gebrekkigheid af.
Verder wordt geoordeeld dat de werkzaamheden onder de vrijstellingsregeling van beschermde dier- en plantensoorten vallen, waardoor de Flora- en faunawet niet in de weg staat aan de uitvoering. Andere grieven, zoals over luchtkwaliteit, geluid en compensatie van natuurverlies, worden eveneens verworpen. De belangenafweging tussen natuurwaarden en het algemeen belang van de realisatie van het station leidt tot het oordeel dat het besluit tot vrijstelling in redelijkheid is genomen.
Daarom wordt het beroep ongegrond verklaard en het verzoek om een voorlopige voorziening afgewezen.
Uitkomst: Het beroep tegen het besluit tot vrijstelling van het bestemmingsplan voor werkzaamheden bij station Brandevoort wordt ongegrond verklaard en het verzoek om een voorlopige voorziening afgewezen.