ECLI:NL:RBSHE:2006:AZ7255
Rechtbank 's-Hertogenbosch
- Voorlopige voorziening+bodemzaak
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit intrekking bouwvergunning wegens onjuiste motivering en planologische onduidelijkheid
Verzoekster had een bouwvergunning gekregen voor een uitbreiding aan de achterzijde van een pand met een woonruimte, bedoeld als dienstwoning voor de vader van de directeur. Na bezwaar van belanghebbende trok het college van burgemeester en wethouders de vergunning in, stellende dat het bouwplan leidde tot de oprichting van een tweede dienstwoning, wat niet was toegestaan volgens het ontwerpbestemmingsplan "Kernen Maasdonk".
De voorzieningenrechter oordeelt dat het college ten onrechte heeft aangenomen dat sprake was van twee dienstwoningen, terwijl verzoekster aannemelijk heeft gemaakt dat de eerste verdieping als bedrijfsruimte zal worden gebruikt. Tevens is vastgesteld dat het bestemmingsplan een lacune bevatte waardoor de toelating van de dienstwoning onduidelijk was en het college onvoldoende heeft gemotiveerd waarom de vergunning werd ingetrokken.
De rechtbank vernietigt het besluit tot intrekking van de bouwvergunning wegens strijd met het motiveringsbeginsel en de planvoorschriften. De vergunning blijft geschorst tot zes weken na het nieuwe besluit op bezwaar. Tevens worden de proceskosten aan verzoekster en belanghebbende toegewezen en het griffierecht aan verzoekster vergoed.
Uitkomst: Het besluit tot intrekking van de bouwvergunning wordt vernietigd en geschorst tot een nieuw besluit is genomen.