ECLI:NL:RBSHE:2007:BA5950
Rechtbank 's-Hertogenbosch
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Interpretatie en toepassing van artikel 13 Flora- en faunawet bij plaatsen hek rondom perceel met dassen en reeën
Verzoekster, exploitant van recreatie-inrichtingen, plaatste een hek rondom een perceel van 24 hectare dat door dassen en reeën werd gebruikt. Verweerder legde haar een last onder dwangsom op wegens overtreding van artikel 11 en Pro 13 van de Flora- en faunawet, omdat het hek de dieren insloot en een dassenburcht werd verstoord.
De voorzieningenrechter concludeerde dat het perceel als vaste rust- of verblijfplaats van de das moet worden beschouwd en dat verzoekster met het hek de dieren onder zich had in de zin van artikel 13. De overtreding van artikel 11 werd Pro eveneens vastgesteld vanwege werkzaamheden die de dassenburcht verstoorden.
De last onder 1 (onderzoek naar openingen in het hek) en onder 4 (verbod op verstorende werkzaamheden) werden gegrond verklaard. De last onder 2, 3 en 5 (onderzoek naar natuurwaarden, alternatieven en monitoring) werden geschorst wegens onvoldoende duidelijkheid en gebrek aan wettelijke grondslag.
Verzoekster kreeg vergoeding van griffierecht en proceskosten toegewezen. Het besluit werd geschorst voor de onderdelen 2, 3 en 5 tot zes weken na het bezwaarbesluit. De uitspraak is onherroepelijk.
Uitkomst: Het dwangsombesluit wordt gedeeltelijk geschorst voor onderdelen 2, 3 en 5, terwijl de overige onderdelen gehandhaafd blijven.