ECLI:NL:RBSHE:2007:BA7535
Rechtbank 's-Hertogenbosch
- Raadkamer
- Rechtspraak.nl
Bezwaren tegen weigering getuigenverhoor in zaak over vergunningplicht Wet op de kansspelen
In deze strafzaak wordt klager verweten dat hij in Nederland tussen 2000 en 2004 opdracht en/of leiding heeft gegeven aan de verkoop door een rechtspersoon van Duitse lottosystemen zonder de vereiste vergunning ingevolge de Wet op de kansspelen (Wok).
De verdediging verzocht de rechter-commissaris om een aantal getuigen te horen, onder meer over de verenigbaarheid van de Wok met het EG-recht en over het gelijkheidsbeginsel in verband met niet-ontvankelijkheid van het openbaar ministerie en het strafmaatverweer. De rechter-commissaris wees dit verzoek af, waarop klager bezwaar maakte.
De rechtbank overweegt dat de casus binnen de reikwijdte van artikel 49 EG Pro-verdrag valt en dat de Wok een beperking vormt van het vrije dienstenverkeer. De vraag of deze beperking gerechtvaardigd is, wordt beoordeeld aan de hand van jurisprudentie van het Hof van Justitie, waarbij bescherming van consumenten, fraudebestrijding en beteugeling van goklust als dwingende eisen van algemeen belang gelden.
De rechtbank concludeert dat er geen redelijke aanwijzingen zijn dat de Wok en het uitvoeringsbeleid daarmee in strijd zijn. Ook acht de rechtbank het onvoldoende aannemelijk dat de getuigen relevant zijn voor het beroep op het gelijkheidsbeginsel of het strafmaatverweer. Het bezwaar wordt daarom ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het bezwaar tegen de weigering tot het horen van getuigen wordt ongegrond verklaard.