ECLI:NL:RBSHE:2007:BA7559
Rechtbank 's-Hertogenbosch
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Vaststelling arbeidsongeschiktheid en keuze maatman bij WAO-uitkering
Eiser was sinds 9 november 1999 wegens psychische klachten arbeidsongeschikt en ontving een WAO-uitkering van 80-100%. Het UWV stelde per 2 augustus 2005 zijn arbeidsongeschiktheid vast op 45-55%, uitgaande van de maatmanfunctie internationaal vrachtwagenchauffeur. Eiser betwistte dit en stelde dat deze functie al vanaf het begin ongeschikt was vanwege zijn klachten, en dat een ICT-functie op HBO-niveau als maatman gehanteerd moest worden.
De rechtbank overwoog dat de maatmanfunctie in beginsel de laatst verrichte arbeid is, tenzij deze wegens medische beperkingen vanaf het begin ongeschikt was. Uit medische rapporten bleek dat eiser al klachten had vóór zijn werk als vrachtwagenchauffeur en dat hij deze functie slechts kort heeft uitgeoefend. Het UWV had echter niet inzichtelijk gemaakt dat de functie van internationaal vrachtwagenchauffeur niet vanaf het begin ongeschikt was, mede op basis van een medische beoordeling van toen.
Daarnaast was de selectie van alternatieve functies onvoldoende gemotiveerd, omdat signaleringen in het CBBS-systeem niet adequaat waren toegelicht. De rechtbank verklaarde het beroep gegrond, vernietigde het besluit en beval het UWV een nieuw besluit te nemen met inachtneming van de overwegingen. Tevens werd het griffierecht aan eiser vergoed.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard en het UWV-besluit vernietigd vanwege onvoldoende motivering over de maatmanfunctie en functiegeschiktheid.